Neolamprologus obscurus, (Poll, 1978)

aquarium
(cm / ltr)
vislengte
(cm, m / v)
aantal
(m / v)
agressie
(0 tot +++)
voedsel
 
moeilijk
(0 tot +++)
80 / 100 8 / 6 1 / 1 ++ klein dierlijk +



Tekst: Jarik Oosting

Algemeen
Neolamprologus obscurus leeft op een diepte van 10 tot 30 meter in de overgangszone's van het Tanganyikameer. Deze vis heeft een lichtbruin/roodkleurige huid met donkerbruine verticale strepen. Op de vinnen zijn lichte stippen te zien met een kleine blauwe rand. De vrouwtjes blijven zichtbaar kleiner dan de mannetjes, zij worden ongeveer 6 centimeter groot en de mannetjes worden volgens veel (schriftelijke) bronnen 8 centimeter groot. Eigen ervaringen illustreren echter dat het mannetje een lengte van rond de 10 centimeter kan bereiken.

N. obscurus leeft voornamelijk tussen de rotsen, waartussen het zand meestal wordt weggegraven. Door het weggraven van het zand kan een grote heuvel van zand ontstaan. In hun natuurlijke habitat eet N. obscurus vooral ongewervelden (Konings, 2005) maar in het aquarium eten deze dieren zowel droog- als levend voer. De ouders, en ook de jongen, doen het opmerkelijk beter met een afwisseling van levend- en droogvoer in plaats van alleen droogvoer.

Kweek
De kweek is doorgaans niet moeilijk, er hoeft vrijwel niets voor gedaan te worden. Ervaring van de auteur is dat het vrouwtje, nadat de eitjes bevrucht zijn door het mannetje, zich afzondert en de eitjes fel bewaakt. Ook het mannetje mag niet in de buurt van de eitjes komen. Wanneer de eitjes zijn uitgekomen mag het mannetje wel in de buurt van de jongen komen en bewaken beide ouders de jongen zeer fel. Het vrouwtje blijft meestal in de buurt van de jongen terwijl het mannetje meer de omgeving bewaakt. Er blijven relatief weinig jongen over, van de 25 eitjes zullen bij een goed koppel hooguit 10 jongen overblijven. Doorgaans blijven er rond de 5 jongen per legsel over. De jongen kunnen worden grootgebracht met zowel fijngewreven droogvoer of stofvoer, als Artemia-naupliƫn.

Bijzonderheden
Deze Neolamprologussoort is zeer agressief tegenover andere cichliden en deinst niet snel terug voor een ander soort. Het kunnen echte bullebakken zijn, zelfs meervallen worden weggejaagd. Het verdient dus aanbeveling robuuste medebewoners uit te kiezen. Een aquarium van minimaal 80 centimeter als speciaalbak, is vereist. Wanneer er andere vissen bijgeplaatst worden, is een aquarium vanaf 1 meter aanbevolen.